Professor Hendrik Vos over de kracht van Europa: “Over alles mag je een compromis sluiten, behalve over diversiteit”
Dat goed gefinancierde en georganiseerde extreemrechtse en ultrakatholieke lobby’s het gemunt hebben op onze democratisch verworven rechten is al uitvoerig aangetoond in studies. Dat de Verenigde Staten er een officieel beleid van maken om hun wil op te leggen aan het, volgens Trump en co, al te liberale Europa eveneens. Kan Europa stand houden tegen al dat gelobby om onze gemeenschap te beschermen? Sluipt extreemrechtse beïnvloeding de Unie binnen? Of was wat er in Hongarije gebeurde een accident de parcours? Antwerp Pride vraagt het aan Hendrik Vos, hoogleraar verbonden aan de vakgroep Politieke Wetenschappen van de Universiteit Gent en directeur van het Centrum voor EU-studies.
“Om die vragen te beantwoorden moet je een onderscheid maken tussen de evoluties op korte en lange termijn. Er zijn inderdaad talrijke signalen waar duidelijk is dat er bepaalde zaken onder druk komen te staan. Maar op langere termijn zijn er tekenen om optimistisch te zijn,” steekt Hendrik Vos van wal. “Bij grote crisissen beseffen Europese leiders wel wat er op het spel staat en lukt het finaal om beslissingen te nemen om bepaalde negatieve evoluties om te keren. Wat dat betreft is het Europese project kleveriger dan het misschien lijkt. Maar tegelijk heeft het bestuderen van geschiedenis mij geleerd dat er altijd een grote onvoorspelbaarheid is. Zeggen dat per definitie alles goed komt, is meer wensdenken dan wetenschap.”
Een studie van het Clingendael-instituut zegt dat het lobbywerk van de MAGA-beweging al sterk aan de gang is, vooral in Nederland maar ook in de rest van Europa. Zijn die tendensen al merkbaar?
“Het is geen geheim dat extreemrechtse partijen in opmars zijn. We zullen moeten zien of dat zich verder zet. Ook in het Europese parlement is extreemrechts een pak sterker geworden en die hebben programmapunten die vaak sterk overeenkomen met wat Trump zit te vertellen. Trump zegt ook vrij schaamteloos dat hij dat soort bewegingen en partijen zal steunen. Tegelijk zie je, alleen al als je naar het Europese parlement kijkt, een grote onderlinge verdeeldheid tussen dat soort partijen en hun fracties. Je hebt de Patriotten voor Europa (PFE) waarin het Vlaams Belang zit. Dan heb je Europa van Soevereine Naties (ESN), waar bijvoorbeeld het Duitse AfD in zit. Ook in de groep waar de N-VA toebehoort, de Europese Conservatieven en Hervormers (ECR), heb je een aantal bijzonder rechtse partijen. Bij de christendemocraten heb je ook een aantal partijen die sterk aanleunen bij extreemrechts of op zijn minst radicaal rechts. Het is niet zo dat daar één duidelijke visie is bij die extreemrechtse partijen. Daardoor is het moeilijk om zomaar te zeggen ‘er is één grote MAGA-golf die Europa zal overspoelen’. Want voordat we het goed beseffen liggen ze met elkaar te vechten. En dat vreet natuurlijk aan hun slagkracht. Ik weet ook niet zeker of het een cadeau is om steun van Trump te krijgen. Trump heeft in Europa een klein aantal solide aanhangers die een schofterig gedrag toejuichen en tegen alles inbeuken. Maar ik denk dat de groep die Trump niét ziet zitten, toch wel vele keren groter is. En dat daardoor ook veel van die extreemrechtse partijen toch wel een zekere afstand bewaren. Het heeft Viktor Orbán in ieder geval geen verkiezingsoverwinning opgeleverd.”
In ons land bestaat er een cordon sanitaire dat voorlopig stand houdt. Maar heel wat elementen uit het beruchte 70-puntenplan van het Vlaams Blok werden intussen overgenomen door andere partijen. Dreigt zo’n scenario ook binnen Europa?
“Als het bijvoorbeeld gaat over migratie, dan zie je dat de angst voor vluchtelingen die ons zouden overspoelen voor een stuk werd opgepookt. De hele angst die daar rond is ontstaan en die door een aantal meer centrumpartijen is overgenomen, heeft ertoe geleid dat heel dat beleid zeer restrictief is geworden. En dat er naar dat restrictieve beleid wél veel geld gaat. Maar dat betekent niet dat dit op elk beleidsdomein zo is. Als het bijvoorbeeld gaat over de klimaatpolitiek, dan zie je dat wij vanuit Europa wel een stuk verder blijven gaan. Dus het verschilt sterk van beleidsdomein tot beleidsdomein en van de bereidheid van centrumpartijen om het verhaal van extreemrechts al dan niet over te nemen. Bovendien denk ik dat, als het gaat over asiel en migratie, dit een strategische vergissing is van een aantal centrumpartijen om daar zo in mee te stappen.”
Bij onze LGBTQI+-gemeenschap zagen we recent nog dat het verbod op conversietherapie op de agenda stond. N-VA onthield zich, Vlaams Belang stemde tegen.
“Ik denk dat dit een strategische keuze is van N-VA en dat men daar ook niet te veel over wil praten. Dan kunnen ze zeggen: ‘natuurlijk zijn wij tegen conversietherapie, maar dit moet Europa ons niet voorschrijven’. Ik vermoed dat ze op die manier een deel ultraconservatieve kiezers proberen binnen te houden. Zulke dingen horen bij het klassieke politieke spel.”
Kan Europa de democratische waarden waar we voor staan nog versterken in deze context?
“Ja, en dit is belangrijk. In de Europese Unie heb je ontzettend veel verscheidenheid. Binnen lidstaten, tussen lidstaten, heb je verschillende geschiedenissen, culturen, economische toestanden, landen met andere prioriteiten, gevoeligheden, en traditioneel meer conservatieve maatschappijen dan progressieve. Die verscheidenheid is niet problematisch. Integendeel. Die moet je net koesteren. Dat is vaak ook een kracht en een grote vooruitgang. Maar als je dan samen een democratisch beleid wil maken, betekent dit dat je finaal altijd naar compromissen toewerkt. Dat je aanvaardt dat er anderen zijn die misschien je mening delen maar ook dat er afwijkende standpunten zijn en dat die mensen ook een punt kunnen hebben. Dan kom je tot Europese compromissen die vaak in het midden van de nacht na veel geploeter en gepalaver tot stand komen en die er niet altijd mooi uitzien. Maar tegelijk vind ik dat er ook een schoonheid in zit. Je aanvaardt die diversiteit en je probeert daarmee om te gaan. De hele werking is gebaseerd op dat idee. Het vasthouden aan het compromis is iets wat je compromisloos moet doen. Maar je mag nooit een compromis maken over diversiteit. Als een regering begint met de persvrijheid te onderdrukken of iets dergelijks, dan ben je aan het knagen aan het DNA van het EU-concept. Dat is een gevaar. Dat is de worm die van binnenuit alles begint uit te hollen, en daar moet je resoluut tegen optreden.”
En treedt Europa resoluut genoeg op?
“Soms is er een zekere nonchalance die gevaarlijk kan zijn. Het idee van ‘we vinden dit niet oké maar we moeten die of die leider nu even uitzweten en het komt wel weer goed.’ Met Orbán hebben we dat op een bepaald moment gemerkt. Je ziet dat zo iemand navolging dreigt te krijgen en dat het uitzweten langer duurt dan we vooraf dachten. Om dan op te treden blijkt ook vaak moeilijker. Orbán had altijd wel ergens een paar vrienden die hem steunden en sancties tegenhielden. Uiteindelijk is er dan het besef dat we het ook niet kunnen blijven laten gebeuren en begint men creatief en al improviserend te zoeken naar een manier om het wat in te dammen. Maar het zou wel wat resoluter mogen. Want het gaat echt wel om het fundament van het hele project.”
Europa nam al maatregelen tegen de grote Amerikaanse techbedrijven, die jongeren zouden beïnvloeden. Zitten we op een goede weg?
“Het feit dat dit op de agenda staat, dat er over gesproken wordt, dat er ook verontwaardiging over is, vind ik positief. Want dat betekent dat we dit niet oké vinden. Maar het internet reguleren is gewoon ontzettend moeilijk. Ik denk dat er geen pasklare antwoorden zijn. Je hebt heel zeker machtsmiddelen tegenover deze bedrijven. Ze kunnen zich niet permitteren om zich terug te trekken uit Europa. Wij zijn een markt van 450 miljoen betrekkelijk welvarende consumenten. Die techbedrijven maken grote stukken van hun winsten hier in Europa en kunnen zich dan niet veroorloven om dat kwijt te raken. Dat geeft Europa net een machtsmiddel. Dat is ook democratie. Als wij dingen willen reguleren, dan moeten we dat gewoon doen en niet plooien omdat Trump of een aantal ondernemers dat niet prettig vinden. De voorbije periode bewijst ook dat je gewoon voet bij stuk kan houden. Daar is Europa goed in en dat kan alleen maar hoopvol stemmen.”

